Musiceren als hersengymnastiek

In dit blog geef ik je 13 stappen die je kunt volgen om je een onbekend stuk muziek snel èn goed eigen te maken. Je kunt deze tips ook gebruiken als je niet van bladmuziek speelt of zingt. Als je deze stappen volgt, speel je een stuk binnen één week met beide handen samen.

  1. Lees en beluister het stuk eerst! Begin met het bepalen van de muzikale beweging: is deze twee- of driedelig? (Marcheren: één, twee, in de maat →tweedelig, wals- of schommelbeweging → driedelig).
  2. Tel het aantal maten van het hele stuk en van de muzikale zinnen. Bij een zangstuk valt de muzikale zin (meestal) samen met de tekstregels. Bij een instrumentaal stuk kun je de zinnen herkennen door de bogen erboven, en het zinseinde door de combinatie van ontspanning in het ritme en de melodie.
  3. Kijk welke noot vaak terugkomt, luister op welke toon je een duidelijk zinseinde of een adempauze hoort. Let er hierbij ook op, op welk moment deze toon klinkt. Zowel ritmische als melodische ontspanning voel je het beste op een “zwaar” maatdeel.
  4. Als je op deze manier actief aan het luisteren en lezen bent, merk je waarschijnlijk al op dat er verrassingen in de muziek zitten. Een stapsgewijs stijgende melodielijn wordt bijvoorbeeld onderbroken door een sprong(etje) naar beneden, of een regelmatig doorgaand ritme door een huppelend motief. Markeer deze plekken.
  5. Klap of tik het ritme om veranderingen in het ritme gemakkelijk te herkennen. Hoe zwarter het notenbeeld, hoe sneller het ritme. Een snel ritme kan spanning of enthousiasme oproepen en geeft energie, een rustig ritme ontspant en kan gevoelens van verdriet of berusting opwekken.
  6. Beluister het stuk opnieuw en let nu eens op de sfeer: is het vrolijk (majeur) of droevig (mineur)? In het notenbeeld herken je de mineur toonaard aan de toevallige voortekens (kruis, mol en herstellingsteken als ze niet bij de sleutels staan). Meer over mineur en majeur vind je in het blog over noten lezen.
  7. Nu je hebt bepaald of het mineur of majeur is, ga je de melodie analyseren. Dit klinkt ingewikkelder dan het is, want veel muziek is gebaseerd op bekende patronen zoals de roepterts, een toonladder of gebroken akkoord. Hierover kun je lezen in het blog “Dat klinkt bekend!”
  8. In alle goede muziek gebruikt de componist bekende patronen op een eigen en dus originele manier. Door de gebruikte patronen te herkennen en te benoemen krijg je in korte tijd goed zicht op de opbouw van het stuk. Bedenk voor ieder gebruikt patroon een naam die jou aanspreekt.
  9. Oefen het basispatroon: speel het of zing het op notennamen. Hiermee geef je je hersenen en spieren de informatie die ze nodig hebben om het een volgende keer weer zo (goed of juist niet zo goed) te doen. Doe het daarom met volle aandacht.
  10. Je hersenen hebben nu de informatie opgeslagen: “zo gaat deze beweging”. Je hoeft daarover dan niet meer na te denken, het gaat automatisch. Maar pas op! Onze hersenen herhalen het liefst wat ze al kennen en kunnen, kijk dus goed uit waar het patroon verandert (zie ook bij 4).
  11. Oefen deze gemarkeerde stukjes vaak (een paar keer per dag) en geconcentreerd. Herhalen is goed, zolang je je aandacht erbij kunt houden. Een goede concentratie-oefening is “Seven stages of misery”: speel het fragment 7 keer foutloos, begin bij iedere fout opnieuw te tellen.
  12. Voeg de fragmenten nu samen tot volledige zinnen. Bekijk en benoem de overeenkomsten en verschillen tussen de zinnen. Geef jezelf tijd om om te schakelen als het patroon verandert. Hierbij is “achteruit studeren” een handig hulpmiddel: oefen het einde van de zin eerst en werk dan naar voren.
  13. Voeg de zinnen samen tot een compleet muziekstuk. Als je alle voorgaande stappen hebt doorlopen, zou dat gemakkelijk moeten gaan!

 

Heb je vragen of wil je je ervaringen delen: graag! Plaats jouw vraag of commentaar in het veld hieronder. Als je deze informatie nuttig vindt, deel het dan met jouw netwerk. Je vrienden en ik zijn daar blij mee.